Costa Rica Dag 06 Monteverde

We zijn weer vroeg uit de veren, het vertrek staat gepland om 06.30 uur, we gaan naar Santa Elena, waar we bij de bakker een ontbijt moeten zien te veroveren. Santa Elena, de hoofdstraat is zelfs voor een gedeelte geplaveid met echt een vlak stuk erin.

De bakker ligt tegenover de bank en normaal gesproken zou je zeggen: zoooh, boeiend. Neen vrienden, deze lokale El Rabobanco is vorig jaar overvallen. De buit weet ik niet, maar in totaal zijn er 9 doden gevallen.

Dat is nogal wat, zelfs voor deze Midden Amerikaanse streken. In ieder geval heeft de politie gewonnen. Maar het moet er uit gezien hebben als een van de beste scènes uit The Good, The Bad and The Ugly.

Zetten wij hier dan nog iets spectaculairders tegenover? Ik dacht het wel! Tenminste, als ik de folder mag geloven. In heel Costa Rica zie je borden hangen met ’Canopy Tour’. Canopy is het Engelse woord voor boomtop en tour dat weet je wel. Dus we gaan vandaag een trip door de bovenlaag van het tropisch regenwoud maken. Volgens Geert, moet het makkelijk geld verdienen zijn. Als hij echt commercieel zou zijn ingesteld en zijn geld makkelijk wilde verdienen, zou hij met een paar man ook zo’n zaakje moeten opzetten. De bedoeling is dat je tussen de boomtoppen slingert, terwijl je in een harnasje aan een kabel hangt. De lengte van deze kabels varieert van 50 tot 500 meter.

Dus allemaal de bus in en daar gaan we dan, 20 minuutjes rijden. Onderweg zijn we nog een paar canopy’s gepasseerd, maar volgens Geert gaan we naar de mooiste en de beste. De naam: Selvatura Canopy Tours. We zijn te vroeg, maar dat geeft niet. Ze hebben hier nog iets moois en dat zijn kolibries. Een echte tuin vol met kilobit’s. Dus camera ingesteld op hoge snelheid en dan gaan we eens kijken of het lukt om van die beestjes met hun razendsnelle vleugelslag een paar aantrekkelijke foto’s te maken. Een ding is niet zo goed vandaag en dat is het weer. Het wil niet echt droog zijn, maar het regent net niet. Het is net of er een kabel ergens achter blijft hangen waardoor de hemelsluizen niet opengaan.

De kolibries trekken zich daar niets van aan, die willen eten en verder zal het hun worst zijn. In een afgescheiden terrein hebben ze een stuk of 8 bakjes met suikerwater opgehangen. Het is dat suikerwater en niet de zojuist genoemde worst, waar de kolibries verzot op zijn. Maar godnondedju er vliegen er misschien wel 100 rond en het zijn allemaal verschillende soorten. Het schijnen er 6 te zijn en grootste zijn blauw van kleur. Van klein tot heel klein, een paar centimeter zijn de kleinsten. De vleugelslag is ongekend hoog. Het geluid dat daarbij gemaakt wordt is een zoem met een beetje zeurderige ondertoon. Vandaar dat ze in het Engels Hummingbirds worden genoemd. Hum in het Engels is brommen, zoemen.

kolibriFoto’s kolibries

Nadeel van de kolibrie, het is een zeer beweeglijk beestje. Hangt niet stil in de lucht en ze vliegen min of meer in een stootvorm. Probeer dan maar eens een goede foto te maken. Hier komt dan weer het enorme voordeel van de digitale camera naar voren, want je kunt ongegeneerd afdrukken. Met die ouderwetse rolletjes moest je enorm veel geluk hebben, want het resultaat zag je pas als je allang en breed weer thuis was.

Een eerste snelle blik op het LCD scherm levert voor mij de bevestiging op dat ik niet verkeerd bezig ben. Terwijl ik hier zo rond mijn kleine fotomodelletjes rondspring, hoor ik weer zoiets da’k denk: hé, dat is weer een goeie voor mijn roemruchte serie: verzint ie het nu of zou het waar zijn. Een kolibrie kan niet lopen, hij kan met zijn poten alleen zitten. Dus binnen 2 alinea’s 2 keer raak. 1: een kolibrie lust geen worst en 2: hij kan niet lopen.

We zijn hier voor de Canopy tour en worden dus uitgenodigd om wat spullen op te halen. Zoals daar zijn: een helm, een tuigje of harnas en wat handschoenen. Alle 3 zijn ze onontbeerlijk. Even later zien we er uit als echte survivalkunstenaars. Nog even wat uitleg, want zonder veiligheidspraatje gaat niets meer in deze wereld. Zeker niet als je weet dat het grootste deel van je klanten Amerikanen zijn.

Stel dat het zo’n Amerikaan zou lukken om tijdens de tocht zijn bepaald niet vetvrije lichaam uit het tuigje te wurmen en dan een meter of 30 naar beneden te stuiteren, met natuurlijk wat arm- en beenbreuken tot gevolg, dan komt er geheid een claim: want tijdens de instructies is niet verteld dat je van het tuigje af moest blijven. Het mooiste is nog altijd die vrouw die haar poedel in de magnetron stopte na een wasbeurtje om haar zo sneller te drogen. Gevolg: beestje dood gekookt en de fabrikant een paar miljoen armer. Die had in zijn folder verzuimd om aan te geven dat levende dieren niet in de magnetron gestopt mogen worden.

Oké, allemaal opletten. Je gaat hangen en trekt daarbij je benen in de zithouding, waarbij de voeten over elkaar gekruist zijn. Met de ene hand pak je vervolgens de tuigkabel boven je hoofd vast en de andere hand houd je achter de kabelgeleiders op de kabel zelf. Ga je te hard, dan kun je die hand gebruiken om af te remmen. Hoe? Gewoon aan de kabel trekken. Ik ben benieuwd of ik ga remmen, denk het niet. Verder hoef je eigenlijk niets te doen, ja lekker rondkijken. Het schijnt dat je als een vogel over de kruinen van de bomen scheert.

Daar gaan we dan, bij iedere kabel staan zowel aan het begin- als eindpunt mensen van de organisatie. Zij bepalen wanneer iemand kan vertrekken. De eerste kabel is kort, een metertje of 50. Vooral bedoeld om de mensen een vertrouwd gevoel te geven. Het is leuk, heel leuk! Geen idee hoe hard het gaat, maar oh jongen, de adrenaline schiet door je lichaam, dat wil je niet weten. Da’s echt supergaaf.

Ik zit behoorlijk vooraan in de groep, dan zal ik direct wel eens ergens van iedereen een foto maken als ze aan de kabel aan komen zwieren. De volgende is al een stuk langer, een meter of 200. Kijk, dat is het betere werk. Het schijnt dat je ergens halverwege een keer moet remmen, mooi niet dus. Het uitzicht is fenomenaal, een paar meter boven de boomtoppen, soms zit je net onder de boomtoppen. Dus zo voelt een vogel zich. Joehoe, daar gaan we weer naar de volgende, dik 300 meter lang.

Dit is een mooie plek voor wat foto’s. Ik heb ruim de tijd om met mijn camera wat te spelen als ze aan komen zwieren. Foto’s maken, dat kan zo leuk zijn, geloof me nou maar. Mooi is dat foto’s maken, maar dan moet je wel een goede lens hebben. Met dit setje kan ik bij wijze van spreken tot in iemands ziel kijken. De spanning of ontspanning, de angst op de gezichten, je ziet het gewoon. De meesten zijn lekker ontspannen.

De zogenaamde relaxten en ons Annie is er een van. Die vindt alles in het begin een beetje eng, maar als ze in de gaten heeft dat het veilig is en er niets mis kan gaan, dan schiet de genietfactor naar 10. Er kan helemaal niks mis gaan, want aan het einde van de kabel staat een zogenaamde remmer. Die zorgt dat je veilig op het platform land. Mocht je te hard gaan, dan hebben ze een paar foefjes om de snelheid eruit te halen. Of ze spelen wat met de kabel of ze hebben zelfs een extra rem ter beschikking in de vorm van een extra kabel. Daar hebben ze goed over nagedacht.

Ergens halverwege komen we bij weer een helemaal andere attractie. De Tarzansprong. Net als Johnny Weismuller aan een liaan tussen de bomen slingeren. Ze hebben een soort superschommel van staalkabels gemaakt. Maar je hoeft jezelf niet in beweging te slingeren. Nee, je springt van een 5 meter hoog platform. Het ziet er wel gaaf uit, dus ik ga ook naar boven. Het is toch wel hoog, 5 meter.

Jaap springt als eerste. Jaap is niet bang, die heeft ook al eens bungy gejumpt vanaf de Zambezibrug bij Vic Falls. Dat is een van de allerhoogste springtorens op de wereld en dat kan ik bevestigen, want ik heb die brug ook gezien. Dus onze Jaap springt. De eerste meters gaan omlaag, maar dan gaan de kabels het gevecht aan met de zwaartekracht en de kabels winnen. Je komt in een soort superschommel beweging.

En nu ik. Ik spring en stort dan omlaag. Ineens wordt je val omgezet in een meer horizontale beweging. Gloeiende, het gaat wel hard, maar echt leuk. Die eerste meters heb je niet het gevoel dat je controle over de situatie hebt, maar nu ik in die schommel hang, echt mooi. En je gaat ver jongen. Aan de andere kant van de zwier hang je boven een meters diep ravijn, maar mooi hoor en dan slinger je weer terug naar de toren. Als je een paar slingers hebt gemaakt, wordt het tijd om af te remmen.

Zelf kun je niet remmen, dus beneden staan 2 man die proberen je af te remmen. Ze proberen de benen uit je bekken te trekken, maar het momentum van de snelheid is zo hoog, dat het niet lukt om je in 1 keer te stoppen. Eén van die gasten laat niet los. Net voor je weer over het randje van het ravijn slingert, is hij toch zo verstandig om los te laten. Dat zou toch een keer fout moeten gaan. Uiteindelijk is de snelheid laag genoeg om met behulp van een paar autobinnenbanden aan een kabel afgeremd te worden.

Annie springt niet. Ik probeer het nog een keer, maar ze is niet over te halen. Ze geniet zo wel genoeg. Verder gaan we weer, nog een aantal keren dwars over en door de boomtoppen. Voor je er erg in hebt heb je dus 12 kabels en die Tarzanjump achter de rug. Gewoon kicken menneke.

We hoeven nog niet terug naar het hotel, nee nee. Er zijn hier ook een aantal hangbruggen gebouwd, iets lager dan de kabels. Kun je op je dooie akkertje tussen de boomtoppen kuieren. Oog voor detail heb je niet, als je aan de kabels hangt. Nu is daar alle gelegenheid toe. Heel erg mooi.

plattegrond Selvatura ParkFoto’s hangbruggen

We hebben tot nu toe de bomen vanaf de grond gezien, maar het meeste leven zit in de boomtoppen. Alles groeit hier over elkaar, door elkaar, met elkaar. Het is een grote wirwar van groen. Bromelia’s, ik heb er nog nooit zoveel gezien en soorten bomen, ik zou het niet weten. Wazakzeggen veul, heel veul.

Het voelt een beetje aan of je in een schilderij van Bob Ross rondloopt. Fantastisch die kleurschakeringen met Van Dijkebruin, Sapgroen, Indiangeel, Pruisisch blauw en weet ik wat voor andere soorten groen en bruin er zijn.

En bloemen, overal zie je wel bloeiende bloemen. Af en toe zie je een hagedisje of een heel enge duizendpoot en de vogeltjes fladderen je om de oren. Overal piept of ritselt of fluit of kraakt er wel iets. In de verte horen we een stel brulapen.

We zijn echt midden in het regenwoud beland, want echt droog is het niet. Nee zwaar, ultra zwaar bewolkt, waar af en toe wat regen uit valt, maar het zet gelukkig niet echt door. Eerlijk gezegd maakt het ons niet zoveel uit dat het gaat regenen, want de temperatuur is lekker aangenaam. Helaas, aan alle goede dingen komt een eind, dus ook aan dit tripje. Een echte aanrader van de eerste orde. Genieten met de grote Gee. Dus allemaal weer in de bus. Op naar Santa Elena.

Hier hebben ze een zeer bijzonder restaurant, gebouwd in en om een boom. Mocht je ooit in Florida in Disneyworld zijn geweest, daar hebben ze ook zo’n soort boom, maar dan van cement en kunststof, deze hier is echt. Grappig om zo tussen het bladerdak van een bordje spaghetti of een lekkere salade te genieten.

We lopen buiten nog even rond om het dorp te bekijken. Maar dan valt mijn oog ineens op de bewaker bij de bank. Die bank waarbij dus 9 doden zijn gevallen. Die bewaker draagt een kogelvrij vest en die heeft me toch een riotgun in zijn armen. Schitterend. Daarna gaan we weer gezamenlijk terug naar het hotel.

We zijn nog een paar uurtjes vrij vanmiddag. We gaan te voet terug naar het dorp. Veilig wanen we ons er wel, met die bewaker en zijn gun. Tijd om eens wat geld te pinnen en in het internetcafé actief te worden. Ik ben daar niet zo actief, ik zit er als een beetje bladvulling bij zeg maar. Ons Annie die regelt het allemaal. Om de foto’s op te slaan hebben we sinds kort de beschikking over een 20 gieg grote harde schijf.

Handig, want je kunt de geheugenkaart zo in dat ding schuiven en dan duw je op de copyknop en alle foto’s worden vanaf de kaart zo naar de schijf gekopieerd. Ze wil wat foto’s via de kodakgallery naar een aantal mensen sturen, maar dan moet er eerst een cd gebrand worden. Dat willen ze hier wel doen, geen enkel probleem. Die externe fotoschijf, dat hebben ze nog nooit gezien, vinden ze wel prachtig. Ook hier hebben ze dus oog voor techniek.

Na een minuut of wat komt er een gebrand CD-rommeke en dan gaat ons Annie toveren op die machine. Ze mag foto’s wegschrijven op de harde schijf en dan naar een fotoalbum van kodakgallery versturen. Ik kan het niet allemaal meer volgen, copy zus naar bestand zo en als je het wil resizen dan moet je met de fotobeheerder van Windows werken of zo. Het werkt allemaal perfect in ieder geval. De foto’s die we nu voor het eerst in groot formaat zien, zijn prachtig. Niet allemaal even helder of goed belicht, maar dat weet je van tevoren. Daar kan thuis nog wel het een en ander aan geboetseerd worden door Annie. Dus een e-mail gestuurd zodat de mensen dat fotoalbum kunnen bekijken. Ik weet zeker dat ze nu thuis ook ineens gaan denken, daarmokoknaartoe.

We gaan weer terug naar het hotel. Het is een steile klim en een trottoir ligt alleen in het centrum. Daar buiten moet je maar een beetje zien. De auto’s slingeren kuilen vermijdend van links naar rechts over de weg, och hoe noemen ze dat hier: Pura Vida. Pura Vida is de nationale slogan van Costa Rica. Overal zie je het, overal hoor je het. Vanavond mogen we zelf uitzoeken waar we gaan eten. Het wordt Johnny’s. Volgens Geert is het er goed toeven en niet al te duur. Dus we gaan met 5 man naar Johnny’s.

Jaap niet, Jaap zijn darmen hebben ruzie, slaande ruzie. Volgens Josephine heeft Jaap iedere vakantie een keer last van darmen. Dat zal een dagje duren en dan is ie weer het menneke. Jammer dat Jaap niet meegaat vanavond, ik kan het wel goed vinden met hem. Wouter, Sheila, Josephine en wij tweeën gaan dus naar Johnny’s, een paar honderd meter lopen. Van binnen ziet het er echt heel sjiek uit en om u gerust te stellen, het eten is ook weer helemaal kaasje. Gezellig is het er ook, maar ja, je hebt Sheila bij en dan is er altijd stof tot praten. Genoeg geschreven vandaag, morgen is er weer een dag. Pura Vida.