Costa Rica Dag 16 Corcovado

Zo, vannacht niet echt goed geslapen. Dat kan ook niet anders met die continue voortrazende tsunami naast ons. We liggen een meter of 5 van de branding. Vannacht was het hoog water, dus die 2-3 meter hoge golven breken gezellig allemaal net naast onze bedjes. Wat een herrie, het raast maar door. Worden we eens een keer niet wakker van dierengeluiden maar van de zee. Dit is dus niet het geluid van een gezellig kabbelend beekje. Ik ga ons Annie voor een uitdaging zetten, kijken of zij die aldoor razende zee op de website kan krijgen en dan moet je dat geluid eens op volle sterkte over je speakers laten razen.

Het hoort erbij, geen geklaag hoor, want elk nadeel heb zijn voordeel. Van de regen die gevallen is, hebben wij niks gehoord. Mijn gedachten dwalen weer af naar die 2 dagen in de tent in Cortina di Ampezzo. Mooi boven in de Dolomieten kamperen. Toen we de tent opzetten was het nog prachtig weer, maar even later begon het te regenen. 2 dagen lang, non stop, het hield gewoon niet. Iedere regendruppel die op je tent valt hoor je en wij hebben een grote tent, dus hoorden wij veel, heel veel regendruppels vallen. Dan word je niet vrolijk, zeker niet als het ook nog eens behoorlijk koud begint te worden en de grond onder je voeten begint te soppen. Wij zijn echt weggevlucht toen.

Vandaag eerst maar eens een ontbijt scoren en dan kunnen we gaan wandelen in het Corcovado Nationaal Park. Het weer is ons goed gezind. De zon schijnt dat het een lieve lust is, temperatuur dik in orde. Vandaag moeten de sandalen mee, het zal een lange wandeling worden. Meest parallel aan het strand, verdwalen is zo goed als onmogelijk.

We lopen door het bos, veel is er nog niet te zien. Een vogeltje van soort Kweet Nietwat Hetis, maar wel een prachtig verenkleed. Dan naderen we een rivier die in de zee uitmondt, daar moeten we dus door, daarom hebben we ook die sandalen bij. Wandelschoenen uit en sandalen aan, op blote voeten is niet echt verstandig, want de rivier ligt vol met keien. Het is geen echt moeilijk stukje. Niet diep, een centimeter of 20, veel stroming staat er ook niet en plots zie ik een struikeling. Marianne heeft de eer om als eerste geheel te water te gaan. Helaas, geen foto, wel lachen natuurlijk.

Oké, wandelschoenen weer aan en verder gaan we weer, het bos in. Ik loop gezellig met Theo een beetje voorop. Niet teveel kletsen, vooral kijken en elkaar met vingers wijzen op mooie dingen. Mooie bloemetjes, een vlindertje, paddestoelen, alles is er. En dan ineens, niks gehoord, niks gezien op 2 meter van ons een kapucijneraap.

Theo heeft niks in de gaten, die loopt gewoon door, ik roep hem terug. Nu we ze in de gaten hebben, zien we er nog veel meer zitten. Op mijn dooie gemak een aantal foto’s gemaakt, tot de rest van de groep na een minuut of 5 aankomt. De apen zitten nog steeds op hun gemak doodgemoedereerd hun kostje bij elkaar te scharrelen. Theo en ik lopen ondertussen weer door, tot we bij weer een riviertje komen.

wDit is een serieuzer stroompje. Ik wacht maar tot Annie er ook is. Deze is een stuk dieper dan de vorige en zo te zien met veel meer stroming. Theo staat ondertussen al aan de overkant, hij moest toch zeker door 50 centimeter diep water en volgens hem staat er behoorlijk wat stroming. Annie volgt als een van de eersten, ik wacht tot zij aan de overkant is, dan kan ik ondertussen wat foto’s maken en hopen op de volgende struikelpartij. Ze is bijna aan de overkant als ik ook ga. Jeetje hier staat echt stroming, vooral in de laatste 2 meters. Ik roep ons Annie, want ik maak me een beetje zorgen om mijn camera. Stel dat ik ook onderuit ga op dat laatste stuk. Het gaat wel, maar je moet alleen goed uitkijken waar je je voeten neerzet, want het is een en al keien.

Annie is een sandaal kwijt geraakt in het riviertje. Hoe dat kan, geen idee, maar ik sta er ondertussen ook niet soepel, ben een beetje aan het worstelen met de stroming. Zo, ik ben er en dan nu een nieuwe missie. Niet gepland, maar de sandaal van Annie moet gevonden worden. Een eindje verderop, waar het stroompje breed over het strand uitmeandert, zoek ik naar een sandaal. Volgens Bartjes zou die sandaal hier toch ergens tussen de vele keien moeten blijven steken. Waar ik ook kijk, tuur en spied: geen sandaal. Die kunnen we wel afschrijven. Dat wordt nog wat op de terugweg. Annie zal dan toch met maar aan een voet een sandaal zich een weg door de keien moeten banen.

Er komen er nog een stel uit het bos, zal maar International Rescue gaan spelen, laat mijn sociale kant nog maar eens zien. Ons Annie ontfermt zich over het fototoestel, dus mocht ik ook kopje onder gaan, dan legt zij het wel vast. De helpende hand die ik uitsteek, wordt als zeer nuttig ervaren. Het is dan maar een stukje stroming van een meter of 2 breed, de kracht ervan verrast eigenlijk iedereen. Niemand valt, ook ik niet, we kunnen weer verder. Oké, wandelschoenen weer aan en verder gaan we weer, het bos in. Een paar papagaaien, veel dichterbij dan gisteren en het sterft hier van de heremietkreeftjes, duizenden. Ze maken wel dat ze weg zijn als wij er aan komen. Nog meer mooie blommekes en paddestoeltjes en dan toch wel iets heel bijzonders. Een boom die zelf een rechthoek heeft gemaakt.

Nog wat mooie vlindertjes en een apart vogeltje, een soort kruising van duif en havik. En dan zijn we er ineens. Ons fictieve eindpunt. We kunnen natuurlijk oneindig veel verder lopen, maar eens zullen we om moeten keren. Een heel stuk verder ligt nog een oud scheepswrak, als enige banjer ik daar naar toe, terwijl de rest lekker op een boom zit te relaxen.

Veel meer dan wat eens de machinekamer moet zijn geweest is er niet meer over, niks spectaculairs. Ik zie ook geen zeerovers uit de struiken schieten om hun zeldzame gouden schatten te verdedigen. Ik loop nog wat te fantaseren over een dikke schat die tussen het wrak en een grote palm begraven moet zijn als ik Annie zie zwaaien. We gaan weer terug.

Het grootste deel van de terugreis lopen we nu over het strand. Fantastisch mooi. Daar kan geen folder tegenop, zeker niet omdat er verder op heel de wereld waarin we nu lopen niemand aanwezig is. Ik weet niet hoeveel soorten groen er zijn, maar dat moet ntelbaar zijn, allerlei variaties. Ook aan de rand van het bos zien we nog steeds wild, dat zich helemaal niks van ons aantrekt. Kijk daar eens, een prachtige toekan. De bekendste van Nederland, staat op een paar wegrestaurants, die dus.

rivier overstekenFoto’s wandeling

Tijd om nog eens een paar foto’s van onszelf te maken op het verlaten tropische strand. Jaap en Josephine lopen vlak bij ons, dus dat komt mooi uit. Als wij hullie helpen met een paar foto’s, zullen zullie ons op de foto gooien. Af en toe komen er papagaaien overvliegen. Nooit gedacht dat dat zoveel indruk op me zou maken. Geert liep het al dagen te roepen, dat dat een van de mooiste zaken uit de natuur is en ik geef het weer graag toe: Geert heeft gelijk. Aan het strand zijn een paar pelikanen aan het badderen en als toegift komen ze even later nog eens in formatie overvliegen. Die rust en kalmte waarmee ze vliegen, ongehoord.

We komen weer bij het riviertje. Ik zie Theo zwaaien met iets. Het is een sandaal. Zou het toch DE sandaal zijn? Ja hoor, dus ik kan even voor veerboot de Heen en Weer spelen. Annie ook weer ziels gelukkig, want die zag toch een beetje op tegen het gevecht met de keien. We pakken nu maar niet meer het diepe deel om over te steken, maar het bredere stuk. Dat gaat een stuk makkelijker. Verder gebeurt er niet veel meer deze wandeling. Ja, met open ogen lopen genieten, alleen maar genieten en nog eens genieten.

De lunch, die maken we vandaag zelf. We hebben wat brood en een blikje tonijn gekocht gisteren en het smaakt lekker jongen. Koffie en thee is er voldoende bij de lobby. Na de middag hebben we vrij, dat wordt dus luieren. Efkes een uur of zo op bed liggen, want stiekem heb ik behoefte gekregen aan een middagdutje. Dat uur wordt maar een half uur, het is die branding die ongegeneerd op het strand tekeer blijft gaan. Dan maar een paar foto’s van dass grosse Ungeheuer maken. Annie heeft een hangmat gevonden, zo te zien is ze in coma.

Ik loop nog wat rond te slenteren als ik ineens een miereneter tegen het lijf loop, Net nu loop ik zonder camera. Hoe dikwijls heb ik het niet gezegd, nooit zonder fototoestel. Jongen, luister toch eens, ook naar jezelf. Jaap loopt iets verderop, die heeft wel zijn spullen bij, dus die er snel bij gehaald. Hebben we in ieder geval iemand die van dat beest een foto heeft.

miereneterFoto’s hoteltuin

Omdat de miereneter niet zoveel haast heeft, begin ik voor mezelf een afweging te maken. Zal ik die 200 meter naar de tent rennen, mijn Canon pakken en weer 200 meter rennen en dan maar hopen dat die miereneter er nog zit? Oké, ik doe het.

Ondertussen zie ik nog wat mensen heel verbaasd kijken naar mijn hardlopen. Dat doet ie anders nooit, zo kijken ze dus. Zou er iets speciaals zijn, ik moet roepen dat er een miereneter zit voor ze weg zijn. De anderen hebben niets nodig, de slimmeren onder ons zogezegd. Want dat boertje loopt nooit hard.

Ik ben mooi op tijd terug, maar een ding heb ik wel geleerd: hard lopen op deze sandalen, over deze ongelijke bodem is geen pretje voor een niet afgetraind lichaam. Grote genoegdoening, een mooie miereneter vastgelegd op de gevoelige plaat. Zo, dan is het nu tijd voor een biertje, is het niet Jaap?

Terwijl ik lekker zit te keuvelen, komt Annie weer met haar hobby, foto’s van de zonsondergang. Mijn zegen heeft ze, zelf ben ik er redelijk sceptisch over. Veel te donker Annie, veuls te veul wolken. Ze gaat toch. Als ze terug is en ik kijk de foto’s via het schermpje terug, dan valt het niet tegen.

Vooral de foto die ze vanaf de voet van de stam heeft genomen van de palmboom is gewoon erg goed, kunstzinnig haast. En ik maar roepen toen ze daar mee bezig was, dat het veel te donker was. Die flits komt niet tot de top! Maar kijk eens wie er nu het laatst lacht.

Vanavond een buffet, de calorieën van vanmorgen zijn nu al ruimschoots gecompenseerd. Je blijft hier lekker eten. Na het eten nog een beetje verder buurten, maar om 8 uur is iedereen al vertrokken, we zitten alleen in de bar.

Er is verder helemaal niks te doen, geen radio, geen tv, niks nie, want er is geen stroom verder. Op het paaike naar de kamer hebben ze wat brandende kaarsen gezet en om half 9 lopen wij daarover naar onze kamer. Op de kamer is ook geen elektriek, dus wat gaan we doen? Niks niet meer, gewoon slapen. Het is net over half 9, ik durf het bijna niet te zeggen. Zal geen 2 minuten duren voor ik slaap, ondanks die aldoor razende branding.