Jamaica Dag 07 Nine Miles en Dunn’s River

Na het ontbijt staat het busje weer voor. De reisleidster is weer de Surinaamse vrouw die we op dag 4 ook hadden en ook een deel van de mede reizigers ziet er bekend uit. Het ziet er naar uit dat het een mooie dag wordt: goed gezelschap en de zon schijnt. Vertrekken maar.

We gaan vandaag naar Nine Miles, de geboorteplaats van Bob Marley. Om daar te komen moeten we het binnenland in en na een uur rijden komen bij onze eerste tussenstop. Dit heeft nog niets te maken met Bob, maar dit soort stopjes doet het altijd goed bij toeristen. We stoppen namelijk bij een schooltje.

Het is een klein schooltje met een stuk of 10 kinderen. Ze krijgen nog niet echt les, daar zijn ze nog te klein voor. Het is dan ook meer een kleuterschooltje.

Annie met kindFoto’s schooltje

Ze zijn tijdelijk gehuisvest in een kerkje, omdat vorig jaar het dak van de school verdwenen is in een orkaan. Het schooltje wordt herbouwd, maar is nog niet klaar.

De kinderen hebben kleffe snoepjes en plakkerige flesjes drinken die ze aan ons geven om vast te houden. Wat daar de zin van is, ontgaat ons wel enigszins, maar ze vinden het leuk. Ze zijn gewend aan toeristen en zijn daarom niet bang om bij ons te komen staan en handjes te geven en zo.

Zoals gebruikelijk in dit soort situaties, hebben ze de kinderen een liedje en een dansje geleerd. Het klinkt niet echt goed en ze dansen ook niet allemaal even enthousiast, maar sommigen vinden het echt leuk om te doen. Leuk om naar te kijken. Je mag wel iets geven aan de school, maar dan moet het via onze reisleidster lopen zodat er niets verdwijnt en alles terecht komt waar het bedoeld is. Dit is een landelijke regel blijkbaar.

Na een klein kwartiertje vertrekken we weer. Nine Miles is hier vlakbij. Als we aan komen rijden weten ze kennelijk dat we komen, want de poort wordt al open gedaan voor de chauffeur zijn rem heeft aangeraakt. De bus staat nog niet stil als de poort al weer dicht is. Het schijnt hier toch wel een beetje een criminele buurt te zijn, niet echt veilig voor toeristen, maar hier binnen is het oké.

We worden naar de receptie/bar gestuurd en wachten daar op de gids. Het geboortehuis van Bob is het centrale gedeelte van dit museum of hoe je het ook wilt noemen. Het oude huis staat er nog, maar er is wel van alles omheen gebouwd door de jaren heen. De moeder van Bob woont hier ergens, daar doen ze een beetje vaag over. Mamma Marley, zoals ze door iedereen genoemd wordt, zorgt voor het onderhoud en zo. Hoewel, nu niet meer, een paar weken nadat wij hier waren is ze overleden, maar dat terzijde.

Aan de muren hangen posters en gouden platen. Onze gids vertelt daar niets over, het spreekt voor zich. Hij begint zijn verhaal bij een oude man die op een gitaar zit te spelen. Wat zijn relatie precies is weet ik niet meer, maar hij heeft in elk geval de eerste gitaar voor Bob gemaakt toen die nog heel jong was. Hij speelt zelf ook gitaar en speelt een stukje voor ons.

Dat is voor onze gids aanleiding om te gaan zingen. Dat is voor ons ook de eerste keer, een zingende gids. Hij probeert er gewoon iets leuks van te maken en dat lukt heel goed. Iedereen wordt aangemoedigd om mee te zingen, maar dat valt nog wel een beetje tegen. Dat houdt hem echter niet tegen, hij zingt bekende liedjes van Bob en soms doet hij dat ook met gewijzigde teksten. Grappig. Op de binnenplaats zitten her en der gaten in de muur met deurtjes, hier kun je jointjes kopen. Officieel mag dat natuurlijk niet, maar het wordt hier blijkbaar gedoogd. Niemand van onze groep heeft hier behoefte aan, dus we negeren het.

We gaan door een poort en komen dan in de tuin van het complex. In de tuin liggen de grootouders van Bob begraven. Daar is de moeder waarschijnlijk ondertussen ook bijgezet. Aan de andere kant is een podium gemaakt. Bob heeft hier nooit gespeeld, het is later gemaakt om tijdens memorial optredens te gebruiken. Ook is hier een gedenkplaats gemaakt. Een vlag met de foto van Bob, stelt niet veel voor, maar voor de fans is het wel leuk. Je moet er tenslotte wel wat van maken. Dan komen we bij de slaapkamer van Bob. We moeten onze schoenen uitdoen, anders mogen we er niet in. Het is maar een klein kamertje.

Buiten op een klein binnenplaatsje ligt een flinke steen. Deze werd door Bob gebruikt om te mediteren. Volgens mij was het meer voor het roken van marihuana, maar dat laten we maar in het midden. Wie behoefte heeft om op de steen te gaan zitten, is daar vrij in. De gids blijft heel enthousiast vertellen en zingt nog steeds van tijd tot tijd.

Dan is het zover, we mogen het mausoleum in. Hier mag niet gefilmd worden en fotograferen mag ook niet. In het midden van het zaaltje ligt Bob in een marmeren kist. Hij ligt daar niet alleen, zijn broer ligt onder hem. Die broer is doodgeschoten in Miami door de politie in de tijd dat hij daar met Mamma Marley woonde. Eigenlijk zou zij daar komen te liggen, maar zij heeft haar plaats afgestaan. Iedereen die wil mag kaarsjes aansteken en we mogen ook een rondje rond de kist lopen. Aan de muren hangt wat versiering en wat foto’s. Aan 1 kant is een soort van offertafeltje gemaakt met foto’s en kaarsen. Het is maar klein en we hebben het al snel gezien, wel apart.

Weinig mensen weten waar Bob aan overleden is. Iedereen gaat er van uit dat het wel iets met drugs te maken gehad zal hebben, maar dat is niet zo. Hij heeft tijdens een voetbalwedstrijd zijn grote teen bezeerd en die had geamputeerd moeten worden. Omdat hij dan niet meer zou kunnen dansen, heeft hij dat geweigerd en daar is kanker ontstaan. Dat is uitgezaaid en daaraan is hij overleden, hij is 36 jaar oud geworden. Na zijn overlijden is Bob naar Jamaica teruggebracht en met auto’s hier naar zijn geboorteplaats vervoerd. Het schijnt een hele lange processie geweest te zijn van een kilometer of 80 die door het land is getrokken. Iedereen die wat voorstelde in die tijd was er bij. Het moet nogal een spektakel geweest te zijn.

poster en gouden plaat van Bob MarleyFoto’s Bob Marley

Bob heeft heel veel kinderen op deze wereld achtergelaten. 4 daarvan zijn van zijn vrouw Rita, maar er zijn er nog 8 waarvan vastgesteld is dat het zijn kinderen zijn. Dat aantal loopt met de jaren op, omdat steeds meer mensen zich melden, op dit moment zijn er een paar die onderzocht worden. Waarom iedereen zo graag kind van Bob wil zijn, geen idee.

We gaan terug naar de ingang. Onder een poort steken een paar vingers van iemand die aandacht vraagt, heel vreemd gezicht. We kijken nog even rond in de souvenirwinkel, maar kopen niets. De prijzen zijn 2 keer zo hoog als in de rest van Jamaica, los nog van het feit dat we eigenlijk niets zien dat we echt willen hebben. Een cd kopen is niet zo aantrekkelijk, omdat er steeds maar een paar nummers op staan die we kennen. Zelf downloaden thuis klinkt op dit moment aantrekkelijker.

We hebben het gezien en vertrekken weer. We gaan dezelfde weg terug naar Ocho Rios. We rijden weer door Fern Gully, een stuk van de weg dat helemaal dichtgegroeid is met varens en stoppen nu even voor een paar foto’s. Overal langs de weg staan kramen met souvenirs, dit is natuurlijk een drukke weg waar heel veel toeristen langs komen.

In het dorp aangekomen is het lunchtijd geworden. We gaan met z’n allen patties eten. Het is een echt Jamaicaans gerecht, een soort soufflé met vlees. Dat kan kip zijn, maar er zijn ook andere smaken. Iedereen neemt er een paar en er blijft geen kruimel van over, lekker dus.

We zijn dan wel terug in Ocho Rios, maar dat wil nog niet zeggen dat de excursie klaar is. In tegendeel zelfs, er komt nog een heel leuk onderdeel. Vlakbij de aanlegplaats van de cruise boten ligt Dunn’s River waterval. Dit is een hele bekende toeristische attractie en dat is ook de reden waarom zoveel cruise schepen hier aanleggen. We zagen veel Amerikanen in het winkelcentrum, de rest is hier. Omdat de cruise schepen al weer op tijd vertrekken ’s middags is het hier vooral in de ochtenduren heel erg druk. Dat is dan ook de reden waarom wij hier ’s middags naar toe gaan. Dan is het nog wel druk, maar niet meer zo extreem.

Dit is geen waterval om alleen maar naar te kijken. Het is er een waar je door het water heen tegen omhoog moet klimmen. Bij de ingang kun je waterschoenen huren als je die zelf niet bij hebt. Die heb je wel nodig op de gladde stenen, anders is het te gevaarlijk. Ik heb een gruwelijke hekel aan dit soort activiteiten, dus meld ik me aan als fotograaf. Ik ga wel langs de kant kijken en foto’s maken, dan kan de rest naar boven zwoegen.

De gids gaat ook niet mee en er zijn er nog een paar die afhaken, maar Cees, Johan en Marij gaan er voor. Samen met nog een ander stel zakken ze langs een pad dat hier speciaal voor aangelegd is af naar het begin van de waterval bij de zee. De bedoeling is simpel, je klimt over de stenen heen naar boven, tegen de stroom in.

Dunn’s River watervalFoto’s Dunn’s River

Je kunt het doen zoals de Amerikanen doen, maar dat is meer voor mietjes. Die houden allemaal elkaars hand vast om steun aan elkaar te hebben. Ze vormen zo een langgerekt lint, maar het schiet totaal niet op. Iedereen die een beetje door wil, gaat gewoon op eigen kracht. Dat wil niet zeggen dat je elkaar niet af een toe een handje toe kunt steken, maar dat is toch heel anders.

Het is een heel geworstel, soms zijn de stenen heel glad en soms stap je ineens in een gat. Je moet goed op blijven letten en elkaar een beetje in de gaten houden. De route naar boven wordt aangewezen door Cees, de rest volgt automatisch in zijn voetstappen.

Onderweg worden er wat foto’s gemaakt door het andere stel, die hebben een camera bij die er tegen kan. Langs de kant levert het ook leuke actiefoto’s op. Na ongeveer 3 kwartier wordt het eindpunt bereikt, het is gelukt!

Het is nog steeds mooi weer, dus omkleden heeft niet zo veel zin. Over een paar minuten liggen we toch op het strand of in de zee, want dit was het einde van de excursie. We worden teruggebracht naar het hotel en nemen afscheid van de anderen. Tijd om even bij te komen van de ervaringen, nog even lekker relaxen op het strand, ondanks dat de zon nu achter de wolken verdwijnt. Wat dat betreft hebben we niet echt geluk. Het is dorstig weer, dat wel, maar daar weten ze bij de bar wel raad mee, we hebben nog niet alle cocktails geprobeerd.

’s Avonds gaan we eten in het dorp. Er is een Italiaans restaurant dat goed aangeschreven staat, maar waar je door een stuk afgelegen bos moet. Dat gaan we dus niet doen, te gevaarlijk. We gaan eten bij een Chinees restaurant, waar we toevallig voorbij komen. Heel lekker, hoewel het er binnen wel koud is. Gelukkig zien ze dat en zetten ze de airco uit tot er meer mensen binnenkomen.

De laatste avond in het hotel, nog even lekker op het terras rondhangen. Cees en Johan zijn druk bezig met het maken van trucfoto’s van het zwembad en we maken ook nog foto’s van het geld. Als dat gedaan is kunnen we het opmaken, we mogen het niet uitvoeren en bovendien doe je er later toch niets meer mee.