Indonesië Dag 09 Bajawa - Ruteng

De wekker staat op 6 uur, nee het is geen uitslaapvakantie. Even in de badkamer spelen, de douche is toch wel verrekte koud, dus dat is maar heel kort douchen, meer onder het water doorsprinten. Ik ben blijkbaar niet de enige, als we het zo eens aanhoren, dan ging onze kamer nog. Het hotel is eigenlijk gewoon vuil en er is helemaal geen onderhoud.

schoolFoto’s Ineri vulkaan

Kom ontbijten, het is gelukkig een heel stukje beter geregeld dan gisteren. Al om kwart over 7 staan we allemaal paraat, een kwartier te vroeg, maar we vertrekken toch gewoon. De zon schijnt en het ziet er meteen stukken vriendelijker uit dan gisteren. We dalen weer af naar zeeniveau. We rijden slingerend naar beneden en af en toe zullen we een stop maken. Gebruikelijke routine dus.

De 1e stop is al na een half uur. De Ineri vulkaan is van plan om de wolken van zich af te schudden. Het gaat hem lukken, let maar op. De kinderen zijn allemaal onderweg naar school en op het schoolplein wordt de vlag gehesen en de kinderen staan er in hun uniform strak bij. Kijk, de Ineri is nu van zijn wolken verlost. Echt, zo moet een vulkaan er uit zien.

Even later maken we een stop bij een kruidnagelboom. De kruidnagel, lekker in de hachee, hmmm, het water loopt me al weer door de mond. Oh ja, de kruidnagels komen uit Indonesië, meer speciaal de Molukken, maar hier op Flores weten ze er ook goed raad mee. De boom staat in de voortuin van iets wat een huis is, maar veel luxe hebben ze er niet. De bewoonster komt met de kinderen eens bij ons polshoogte nemen.

Komang vraagt om permissi om bij haar wat rond te kijken. Geen enkel probleem, ze weet dat er een geldelijke beloning tegenover staat. Maar ja, eerlijk gezegd overvalt de schaamte me, punt 1 omdat we zomaar plomp verloren in de woning rond mogen kijken en punt 2 het is zo verschrikkelijk armoedig, ja je gelooft het eigenlijk niet.

In het huisje staan geen stoelen bijvoorbeeld. Een paar bedden en iets wat op een tafeltje lijkt en verder hangt er nog een transistorradio uit de jaren 70 aan de muur en een klok met de foto van de huidige Indonesische president Yudhodjone, beter bekend EsJeeBee, zijn voorletters. In het huis scharrelen 2 kippen met kuikentjes rond. De kippen zitten aan een touw, waarschijnlijk omdat de kuikentjes nog maar een paar dagen oud zijn. Annie neemt zo’n donzen bolletje op haar hand, oh dat durft ze dan wel.

Er is ook nog een keuken, maar dan wordt je eigenlijk helemaal stil, het is niet meer dan een openhaardvuur met een paar pannen. Om wat bij te verdienen verkopen ze ook wat flessen benzine en bananen. Komang koopt daarom ook nog wat bananen, moeder is nu helemaal in haar nopjes. Geld omdat we rond mochten kijken en nog wat geld voor de bananen.

Voor de kinderen wordt het een hele happy day, Tycho en Lisette hebben nog wat schriften die zie uit willen delen, een balpen erbij en kijk. zo maak je iemand dus blij. Ik krijg ineens een inval over de kleine meid die achter de rokken van moeder verlegen staat te schuilen. Dat is net dat zigeunerkind, maar dan in plaats van die traan een bietje snot.

Cees in bootjeFoto’s Koffiestop

We gaan weer verder, met Herman en Komang als bananensjouwer, de kinderen staan nu nog naar ons te zwaaien denk ik. We kuieren lekker over de weg en ik denk dat het schriftenvirus in de lucht hangt, want in geen tijd komen er uit allerlei hoeken en gaten kinderen opduiken die een schriftje of een balpen heel erg zouden waarderen. Nou, ze hebben geluk, de goede sint is er.

Op naar de koffiestop, op het strand. Het strand is leeg, maar niet stil. De oceaan laat zijn golven op het strand uitbollen. Er liggen een paar schamele vissersbootjes. Ik kan het niet laten, ik moet even captain Jack Sparrow spelen.

We gaan weer verder, lang hoeven we niet in de bus te zitten, we worden er weer uitgelaten en ik weet niet wat het is, maar er hangt een fantastische sfeer in de lucht. Zou misschien kunnen komen, omdat we bij een arak stokerij zijn gestopt. Arak, een van de meest voorkomende puzzelwoorden. Denk nou niet dat het een fabriek is waar we stoppen, het lijkt meer op een boerderij waar nog wat bijverdiend wordt. In de voortuin staat trouwens een koe met haar kalfje ons welkom te heten.

We lopen naar achteren, want daar is de stokerij. Stokerij ja, daar lijkt het meer op dan een distilleerderij. Er is een open schuurtje gebouwd, waar wat afstookketels staan. Heel professioneel ziet het er niet uit. Als de alcohol die ze hier maken maar goed is, ethyl in plaats van methylalcohol. Van methyl wordt je blind. De arak dus, want daar kwamen we voor, die wordt gestookt uit palmensap.

En de vruchten zitten natuurlijk boven in de boom. De eigenaresse stuurt haar man de boom in. Die klimt op zijn blote voeten zo die palm in. Hij heeft een mandje mee, even later is ie uit het zicht, er gaan wat takken heen en weer en dan komt ie weer naar beneden. Maar ik wil het stoken zien, want het is ongelooflijk hoe primitief dat er het hier nog aan toe gaat. We krijgen een demonstratie gelukkig.

Arak proevenFoto’s Arak stokerij

Er wordt een jerrycan met palmsap in de kookpot gegoten en daarna gaat de destilleerkolom er boven. De kolom is niet meer dan een paar bamboepijpen die schuin naar beneden aflopen. Achteraan komt het kostelijke vocht er dan uit gesijpeld. En hoe proeft dat dan, nou helemaal niet verkeerd, het is wel behoorlijk sterk, ik denk een percentje of 35.

Natuurlijk koop ik een fles, maar niet zomaar een fles, het is gewoon een leeg plastic waterflesje. Ik zou er wel 2 willen, maar ja, die sluiting daar heb ik het niet zo op. Er schijnt maar 1 dorp te zijn op Flores waar ze arak stoken, maar dan doet dus ook meteen het hele dorp het. Een soort dorpsspecialisatie.

Kom, we lopen weer een stukje verder en het is zo geweldig vandaag. Het is bananenophaaldag. Overal staan grote trossen bananen die vandaag opgeladen zullen worden. Er rijdt een vrachtwagen van oost naar west Flores, waar de bananen ingeladen zullen worden. Deze bananen zijn allemaal voor Bali, volgens Komang. De Hindoes op Bali moeten veel offeren en daar hebben ze dus ook veel bananen voor nodig, dus zodoende. Ondertussen zijn wij weer de bezienswaardigheid geworden. Alle kinderen komen naar ons kijken, allemaal met dikke glimlach en hardop roepend: hé mister. Het is een super fotogenieke dag, met kinderen is het altijd wel bingo natuurlijk, maar als zelfs een boktor er eens even goed voor gaat zitten en de drogende koffiebonen je aankijken.

brommer Foto’s Wandelen

Okidoki, met al dat gewandel verspeel je natuurlijk een bom aan calorieën, dus hoe vullen we dat aan? Met vers gesneden mango’s natuurlijk. Het sap loopt in een straaltje van je handen, zo rijp. En lekker, lekker. Lukt je nooit om die zo in Nederland te krijgen, hier wordt het natuurlijke rijpingsproces gevolgd, dat scheelt toch wel in de smaak.

We hoppen weer aan boord van de bus, de kilometers moeten toch gemaakt worden. De bus stopt nu even bij een benzinestation, want de peut is op. Tanken dus en de benzine die kost hier € 0,34 per liter. Dat zijn prijzen van begin 70er jaren. Er draaien nog wat busjes de pomp op en daar wil je niet in zitten, die zitten helemaal tot aan de rand gevuld met mensen. Terwijl wij staan te wachten, komt er een brommertje uit een zijpad, zijn duopassagier houdt in zijn handen een handkar helemaal vol met bananen. Het brommertje draait zo de weg op, dat is toch hartstikke safe, wat kan daar nou mis mee gaan.

Lunchtijd, dus de bus wordt langs de kant van de weg gezet en wij rollen wat boomstronken om, kunnen we ook nog eens lekker zitten. Het begint gewoon lekker te smaken, die boterhammen kaas met tomaat. Terwijl wij daar lekker zitten, heeft Komang nog een verrassing, gebakken eieren. Heeft ie vanmorgen in het hotel laten bakken voor ons.

En er is zelfs een toetje, ananas, versere ananas is er niet. Ik moet zeggen dat ik van hem veel leer over het schillen van een ananas. Eerst snijd je er grofweg de schil af, maar dan blijf je altijd met die punten zitten. Maar Komang doet dat heel handig. In een spiraalvorm snijdt hij die punten zo weg. Dat ga ik thuis dus ook eens proberen. De bananen van vanmorgen, die blijven in de bus.

Het langskomende verkeer houdt echt in, als ze zien dat er Belandas langs de kant van de weg zitten, we worden grondig opgenomen, van top tot teen en weer terug. Die bussen, dat is een fenomeen op zich. Helemaal afgeladen en op het dak kun je ook van alles meenemen. Lading, maar ook gewoon passagiers.

Uit de bossen naast ons komen mannen omhoog met enorme bossen hooi op hun hoofd. Eentje komt er naar ons toe, hij stelt zich voor aan Annie en Conny. Het schijnt dat hij net als onze buschauffeur ook Lexie heet. De hooiboys lopen verder en wij stappen ook maar eens in de bus.

Lang rijden doen we niet, een paar honderd meter, want als we een brug oversteken is er beneden in de rivier volle bak activiteit. Er worden jerrycans met water gevuld, honderden jerrycans worden gevuld. En kijk onze hooiboys lopen er ook. Toch weer een leuk fotostopje.

Maar we moeten nu toch serieus verder, alleen de zon heeft het niet meer alleen voor het zeggen. De wolken komen op en omdat we weer naar een hoogte van ongeveer 1.000 meter gaan, rijden we niet veel later zelfs in de mist. Als dat maar goed gaat, want in dit deel van Flores liggen mooie rijstterrassen en zonder de zon is de beleving een stuk minder. Onze gebeden worden blijkbaar bovenin ergens gehoord en gehonoreerd, want de lucht trekt weer open.

rijstveldFoto’s Middag

Terwijl we richting Ruteng rijden, komt er weer van alles voorbij over de weg waarvan je denkt: hoe is het mogelijk. Een paar bedden worden achter op een brommer vervoerd, de bedden steunen wel op een soort van sulky, serieus waar. En de mobiele Blokker komt ook voorbij, prachtig prachtig. Je vergeet bijna de mooie rijstterrassen.

In Ruteng rijden we boven op een file, hoe is het mogelijk denk je dan. Nou het komt omdat er maar 1 benzinestation is en omdat het hier economisch wat beter gaat heeft men meer te besteden, dus zijn er meer auto’s dan er aan benzine geleverd kan worden. In lange rijen zijn ze aan het aansluiten. Langs de weg kun je ook wel benzine kopen, maar die is iets duurder dan die van de pomp. Zoveel beter zal het dan ook weer niet zijn, blijkbaar loont het de moeite om gewoon een uurtje of wat in de rij te gaan staan. Wij stappen uit, want de bus moet zich door de file worstelen.

restaurantFoto’s Hotel

Ruteng zelf dan, want daar zijn we, is een redelijk stadje, 14.000 inwoners en het ziet er inderdaad wat beter uit dan we tot nog toe gewend zijn. Maar staar je niet blind, het is echt geen Nederlandse Vinex-locatie.

Het Dahlia Hotel ziet er in ieder geval een stuk aangenamer uit dan dat in Bajawa. Fris van kleur en de kamers zijn ook redelijk. Nog steeds geen warm water, maar voor het oog is het okidiki. Voor de kamer staat een zitje en daar heb je zicht op een prima onderhouden tuin.

Het is nog vroeg, dus tijd genoeg om wat te ondernemen. We lopen wat door de stad. Het is markt, maar er zijn opvallend veel winkels. Echt veel winkels, met normale supermarkten, serieus. We moeten nog wat te snoepen en te drinken hebben, dus we stuiteren bij de locale EmTé naar binnen.

Ze werken met normale kassa’s en kijk, ze scannen zelfs. Alleen het werkt iets naders dan bij ons. Het systeem draait hier nog op Excel. De artikelen worden alleen gescand voor de barcode, het aantal en de prijs wordt handmatig in de Excellijst verwerkt. Als alles verwerkt is, komt er in de sheet gewoon een optelformule. Leuk toch.

Terug naar het hotel, want een Bintangetje kan er wel in. De rest van onze familie zeg maar, zit ook voor de kamers wat te lezen. Als het weer donker wordt, gaan we eens nadenken over het eten. Nou, dat is niet moeilijk, recht tegenover het hotel zit een goed restaurant, Agape. Zowaar een modern vormgegeven tent, ja het heeft wel wat. We zitten er lekker met zijn 8-ten. Alleen Dick en Nellie en Komang ontbreken. Gezellig is het hoor en het eten is weer helemaal in orde.

Als we weer eens opstappen, lijkt het wel of de waterleiding gesprongen is. Zowat heel de straat staat onder water. Het stroomt in ieder geval behoorlijk en het regent niet. Het is een hele kunst om met droge voeten aan de overkant te komen. En terwijl we aan het oversteken zijn, komt er een brommertje voorbij met een rode koplamp. Nee, ik heb niks raars gedronken, een rode koplamp.

Vandaag vroeg onder de wol, want morgen moeten we er om 5 uur al uit. 5 uur, toch eigenlijk niet normaal, aboeng.