Indonesië Dag 16 Tetebatu - Gili Air

Om half 5 heeft de imam weer zijn uiterste best gedaan om ons te bekeren. Het zal hem nooit lukken, zeker niet als je al om half 5 met vals zingen begint. Om 6 uur wordt de zon wakker, maar die doet dat stilletjes en rustig. Om 7 uur maar opstaan, nog even de minimalistische badkamer gebruiken. We zijn weer klaar voor de rest van de dag. Leuk zal het zeker worden, dat weten we nu al.

De hele groep loopt al een paar dagen te reppen over de ontvangst door de sultan en zijn vrouw. Tycho en Lisette weten alleen niet dat we dit voor hen hebben opgezet. Hun huwelijkse diner zal vandaag geserveerd worden, bij niemand minder dan Komang zelf. Komang heeft zich voor deze gelegenheid maar zelf tot sultan benoemd.

Eerst wel het ontbijtje met de nodige eieren en koffie en om kwart over 8 staan we allemaal al klaar om te vertrekken, het busje wordt gestart en we zijn er weer eens weg mee. Er is weer van alles te zien, maar voorlopig geen fotostops, na dik 2 weken begint er toch een vorm van herhaling op te treden. Het blijft fascinerend, maar foto’s hebben we al genoeg. Er is wel een nieuw fenomeen, dat zijn de tabaksverkopers en de vele mannen met postduiven. Het zal wel een Lombokse cultuurvariant zijn, dat met die postduiven. Scholen, die hebben ze ook genoeg, net als kinderen.

Onze 1e stop is het waterpaleis van Narmada. Het paleis is gebouwd door ene koning Asem, een eeuw of 2 geleden. Het was toen gebruikelijk om offers te brengen op de top van de Rinjani vulkaan. Ook koningen worden ouder, dus op een gegeven moment kon het lichaam de tocht niet meer aan. Hij heeft toen een compromis bedacht, een symbolische berg. Geld speelde geen rol, want er zijn hier maar liefst 3 grote vijvers en die zijn afgeleid van de kratermeren bovenop de Rinjani vulkaan.

De koning hield blijkbaar wel van kleine meisjes. Zijn kamer keek uit op de vijver waar de jonge schonen moesten baden, zodat onze koning zijn keuze kon maken. Ik heb thuis ook een vijvertje, maar daar heb ik nog nooit een mooie waternimf gesignaleerd. Nou heb ik geen tijd om de hele dag naar die vijver te turen en dan zullen we nog maar zwijgen over de normen en waarden. Het moet wel een eng mannetje zijn geweest, want hij had namelijk nog een geiligheidje.

Hij liet de traptreden extra hoog maken, zodat de vrouwen met hun strakke sarongs deze moesten optillen om de trap op te kunnen. Als je dan ook nog eens bedenkt dat de mensen hier stukken kleiner zijn, dan kun je het effect wel voorstellen. Tegenwoordig wordt je voor minder opgepakt en opgesloten, toen ook denk ik, maar ja hij was de koning, dus dan gelden andere normen en waarden.

De gids leidt ons door het complex, we beschouwen het min of meer als een dagvullend nummertje. Ontspannend en niet echt spectaculair, maar je kunt natuurlijk niet van het ene hoogtepunt naar het andere rennen. Achter op het complex zien we een restant van de Nederlandse aanwezigheid, zij hebben daar een geweldig aquaduct/irrigatiesysteem aangelegd. Daar is kwaliteit geleverd, want het boeltje draait nog steeds, zonder enige vorm van onderhoud.

We gaan weer verder, kwartiertje verderop nog een tempel. Die van Lingsar. Dat is wel een speciale tempel, want hier komen moslims en hindoes en animisten samen om te bidden en te offeren. Ons Annie zal blij zijn, die weet nu dat ze een eigen tempel heeft. We krijgen weer een gids mee, maar zijn Engels is dramatisch, komisch dramatisch dus. De hele groep staat af en toe met de oren te flapperen, geen idee waar ie het over heeft. We mogen de tempel alleen in als we een gele sjerp dragen. De sjerpen zijn nog nooit gewassen zo te zien, maar we doen het er maar mee.

Er is een klein vijvertje, waar je muntjes in kunt gooien. Natuurlijk een paar muntjes achter gelaten, ik wil tenslotte voor eeuwig gelukkig zijn. Er is nog een vijver waar heilige alen in zitten. De alen zijn het symbool van de verheven spiritualiteit. We hebben geluk, want een vrouw gaat de alen ritueel voeren. Ze krijgen eigeel gevoerd. De vrouw klopt eerst op de rand en pelt vervolgens de eieren om het eigeel daarna aan de alen te kunnen voeren. Ik sta klaar met mijn camera, maar er is geen aal te zien. Geen honger zeker. Trouwens zou jij iedere dag eigeel willen eten? Op naar de volgende vijver dan, daar hebben we meer succes, er komt een paling tevoorschijn. Alleen hier is de pech, dat het een ontzettend smal pijpje is waar je de paling kunt zien. Ik heb wel foto’s, maar de kwaliteit houdt niet over.

Lingsar tempelFoto’s Lingsar tempel

We hobbelen nog wat over het complex. Voor een altaar grijp ik mijn kans, even de hogere regionen aanroepen, dat we deze vakantie nog veel mooi weer mogen hebben en veel sateekes en lekker bier en heel veel mooie vrouwen. Ik ben dan zelf wel niet zo gelovig, maar als ik dan zou moeten kiezen, ja dan maar animist. Op zijn tijd een geest aanroepen. Mijn geest zou veelal in en rond de bierpomp frequenteren.

We zijn mooi op tijd, zelfs te vroeg eigenlijk, dus tijd voor een bakske koffie bij de bus. Koekie erbij natuurlijk en als je koekjes hebt, dan kun je erop wachten dat er kinderen verschijnen. Een hele school loopt leeg, recht op ons af. Een rode horde komt op ons af, maar er zijn maar een paar dapperen die een praatje komen maken. Herman ziet het allemaal op zijn gemak aan, die heeft een bijzettafeltje gevonden en zie hem eens genieten.

Over genieten gesproken, op 2 na hebben we in de groep heel veel plezier. De 2 zijn onwetend, Tycho en Lisette dus. Ze zullen het over een kwartiertje weten, want dan gaan we naar Sultan Komang en zijn vrouw. Sultan we komen er aan. Lisette en Tycho hebben alleen maar een hoop vraagtekens en die worden alleen maar groter, als we in een normale buurt stoppen. Geen paleis in de buurt, nee het is een gewone kampong. Wij spelen allemaal of we Sinterklaas in gaan halen en onze kinderen weten nog van niets. Een hele grote brede glimlach verschijnt op hun gezicht, als we het erf van Komang op lopen. Komang heeft er werk van gemaakt, alles versierd en speciaal voor Lisette en Tycho een mooi spandoek. De sfeer is uitgelaten, wij hebben het zeker naar ons zin, want hoeveel groepen maken het mee dat ze bij de reisleider thuis worden uitgenodigd.

De hele familie is aanwezig, dat wil dus zeggen: zijn vrouw, de kinderen en de ouders van Komang. En gastvrij, ja dat is ongekend. Die spontaniteit en die trots om gasten te ontvangen, die zijn wij een beetje verleerd. Komang woont zoals bijna alle Indo’s, heel eenvoudig dus. Heel erg eenvoudig, het is ook niet zo proper als bij ons, maar ja, ze leven hier volstrekt gelukkig, dus waar bemoei ik me mee. We worden het hele huis rondgeleid en met trots. Komang straalt.

Zijn vrouw zwaait de scepter in de keuken. Die heeft nu even geen tijd meer, want er moet gekookt worden. Jongens dat ruikt weer lekker. Het idee van Conny om voor Lisette en Tycho iets aparts te doen, is een beetje groter uitgepakt dan het eigenlijke idee, maar het is wel fantastisch. De kosten schijnt Komang bij zijn baas te mogen declareren. Hij wilde het eerst op de boot, maar dat ging factuurtechnisch niet, dus Komang heeft dit als alternatief bedacht. Prachtig, ongekend. En Komang heeft een voor Indonesiërs ongekend talent, namelijk het organiseren.

Tijd voor het diner. We kunnen ons op het feestmaal storten. Lekkere tomatensoep, anders dan de onze, maar wel lekker, heel lekker. Vooruit nog een klein kommetje extra dan. Wat staat er nog meer, gebakken bananen natuurlijk, kroepoek, witte rijst, saté, groeten en loempia’s, springrolls om wat preciezer te zijn, want het zijn van die kleintjes. Tsjonge, die zijn een partij lekker. En dan de sateetjes, ook heel lekker. Gebakken door de oudst aanwezige, de vader van Komang en die heeft er verstand van. Die weet wel hoe een saté op de barbecue moet.

Ik pak nog een springroll en nog een sateetje, want het is wel zo lekker. Het lichaam is in volle tweestrijd, de ene helft roept: ’oh jonge eten, want zo¬†lekker vindt je het niet gauw meer’ en de andere helft roept: ’stop, stop, het kan er niet meer bij’. Maar het toetje moet er ook nog bij en dat is de symbolische bruidstaart, kijk maar eens hoe dat in elkaar gezet is. Tycho en Lisette moeten de cake dus aansnijden, het kan er nog net bij, lekkere cake dat wel.

Lisette en TychoFoto’s Bij Komang thuis

Als we uitgeschranst zijn, krijgen we nog een speech toe van Komang, hij wil ons nu alvast bedanken en als dank krijgen we namens hem en namens Koning Aap een Indonesische atlas. Prachtig, Annie en ik zijn er gewoon fier op. Verder heeft hij nog een mededeling over de reispot, er is aan het eind van de reis nog 300.000 over, dat is nu al bekend. Herman neemt voor de beleefdheid de rol van controller op zich en in het geheel wordt geen omissie gevonden natuurlijk. De 3 ton mag Komang houden van ons, jaja we zijn weer genereus.

We krijgen ook nog evaluatieformulieren, ik begrijp dat allemaal wel, dan zien ze in zijn familie ook eens wat ie allemaal moet doen voor zijn centen. Mooie gelegenheid trouwens om ook de groepsfoto te maken. Anders wordt het weer last minute werk, je kent dat wel. Helaas we moeten weer verder, dus wat doen we eerst, handjes schudden natuurlijk, en schouderklopjes geven. De familie van Komang vindt het geweldig, die hebben de dag van het jaar, dat zie je. Zwaaiend verlaten we de kampong.

Zo, op naar het volgende hoogtepunt, Gili Air. We rijden langs de kust en over een paar jaar zal het hier waarschijnlijk een beetje meer op Bali lijken. De kustlijn wordt stevig volgebouwd, een huisje is niet duur, voor 30.000 euro heb je een geheel aangekleed optrekje, met een lap grond erbij. Ik zou het wel willen, maar ja het is zo’n eind vliegen. De Lombokkers verwachten er veel van, eind dit jaar moet het nieuwe vliegveld klaar zijn en dan kunnen de toeristen rechtstreeks uit Europa en Australië aan komen vliegen.

We maken nog een kleine fotostop om van de mooie kustlijn te genieten. Op naar Bangbal, hier nemen we de boot naar Gili Air. We stoppen niet in de hoofdhaven, dat heeft maar 1 reden volgens Komang en dat is om de verkopers te ontlopen. Als Komang dat zegt, dan moet het wel erg zijn. Er ligt een grote prauw voor ons klaar. In een klein half uurtje varen we over. En dan het hotel, het Villa Karang Hotel. Onwaarschijnlijk, we zijn op het paradijs aangekomen. Wat een locatie, we moeten hier dus een paar dagen blijven. Nou, laat het maar 3 weken zijn.

Villa Karang hotelFoto’s Villa Karang hotel

Dus eerst wat aanwijzingen van Komang over het eiland en dan nog een kort woordje van de hoteleigenaar, dat we hier maar veel prettige tijden mogen beleven. Het hotel is nog niet helemaal af, de lobby en de rest van het hoofdgebouw, daar wordt nog aan gewerkt, maar de kamers, de tuin en het zwembad zijn wel klaar.

De weg naar de hotelkamer belooft al veel goeds en dan die kamer, wat een luxe en kijk hoe schoon. Voor het eerst in weken weer eens een echt schone kamer. Modern ingericht en de badkamer is ook speciaal, het is een soort van patio. Strak vormgegeven, maar heel mooi. Het doet een beetje denken aan ons verblijf op Koh Samui in Thailand.

We gaan een eindje lopen, het eiland rond. Het is ongeveer een uur volgens Komang en dan ben je wel rond. Dus we zijn er eens weg mee. Na een paar meter al, komen we bij de lokale scheepswerf. Hier wordt alleen maar met hout gewerkt, vissersschepen worden hier gemaakt, maar voor het zaag- en schaafwerk hebben ze toch wel de beschikking over modern gereedschap. We lopen verder over het bijna lege strand. De zon schijnt, de temperatuur is uiterst aangenaam, het uitzicht is fenomenaal, wat wil je nog meer. Tijd voor een foto van ons tweeën dus. Bij een omgevallen boom krijg ik het idee om het grapje van Costa Rica te herhalen.

Af en toe passeren we een logement of een hotel, maar het is er allemaal heel stil. Gelukkig eigenlijk, zo behoudt het paradijs zijn status. Zowat halverwege de tocht passeren we een slippertjesboom. Hoe inventief is de mens.

Ons oog valt op bewegende schelpen als we 3/4 rond zijn. Schelpen die lopen, dat zie je niet veel. Het zijn geen kanjers en het valt al helemaal niet mee om die heremietkreeftjes goed op de gevoelige plaat vast te leggen. Ik moet helemaal plat op mijn buik. Maar dan heb ik er eentje, en goed ook. Even verderop neemt de bebouwing en dus ook de drukte duidelijk toe. We zijn in het toeristenmekka belandt. Er zijn talloze restaurants, zal niet meevallen om een keuze te maken straks. Terug in het hotel is het tijd voor Bintang.

Tycho komt samen met Lisette voorbij. Tycho heeft het niet meer. Hij heeft Lisette voor de gek gehouden en niet zo’n beetje ook. Hij had de afstandbediening van de airco gevonden en Lisette werd helemaal gek, want als zij ’piep’ zei, dan ging dat ding aan en als ze ’pieppiep’ zei, stopte het ding ermee. En het vreemde was dat het ding niet reageerde op de stem van Tycho. Hij reageert alleen op vrouwenstemmen, volgens Lisette. Ze heeft het nog niet door, mooi hè. Kom, we pakken nog maar een biertje en het gezicht blijf strak in de plooi, maar dat kost moeite, heel veel moeite.

springrolls

Tijd om eens wat te eten, als we maar kunnen kiezen, want er staan zoveel eettentjes. We gaan niet de hele straat af, bij de eerste de beste toko die ons aanstaat, lopen we naar binnen. Het ziet er piekfijn uit, lekker relaxte entourage. Wat zullen we eens nemen. Springrolls als voorafje. Weer een uitstekende keuze en daarna voor Annie spaghetti en doe mij maar eens een lekkere steak.

Kijk, daar heb je Joke en Herman, schuiven gezellig bij ons aan. Als we een paar uur later terug komen in het hotel, drinken we nog wat op het terras. De ober snapt niet dat ik zoveel Bintang kan drinken en ik hou me nog wel in. Het wordt laat vandaag, om half 11 gaan we de koffer opzoeken. Ja, voor ons is dat ondertussen laat, het kan verkeren. Aboeng.